Mensen hebben voor- en achternamen. Sommigen heten van achteren VandenLorre, en daar kunnen ze niets aan doen. Zo zijn ze geboren – met waarschijnlijk een lor ergens in de voorvaderen.
Maar gelukkig hebben mensen ook een voornaam. Toch kan die het lor soms niet helemaal verhullen. Een voorbeeld. Wilfried. Een prachtige voornaam: wil vrede. Wilfried mag televisie-programma’s presenteren.
In zijn nieuwste programma neemt hij 24 uur lang een gast in huis (lees: tussen vier gammele studioschotten, voorzien van alle denkbare audiovisuele registratieapparatuur), en het moet bij voorkeur een Bekende Nederlander zijn, want Wilfried wil laten zien hoe die nu écht is - 24 uur lang een masker ophouden lukt namelijk niemand. (Ook Wilfried niet).
Gisteren had hij Heleen op bezoek, een mooie vrouw van midden veertig. De gedachte aan 24 uur levenslang met Heleen deed Wilfried, zeven jaar ouder dan zij, waarschijnlijk weken van tevoren al in de heerlijkste dromen verzinken.
Maar toen ze er was, bleek ze behalve over een prachtig uiterlijk vooral over een verscheurd innerlijk te beschikken. Een ziel, die altijd op zijn hoede is voor een dreigende psychose. Vanwege een eerdere, die ontstaan was nadat Heleen haar baby ondervoed had, terwijl ze juist dacht dat ze het goed deed: baby aan de borst.
‘Het kind heeft drie weken echt hónger geleden!’ zei ze, en het was te zien dat de gedachte alleen al haar nog pijn deed.
Wilfried vond daar niet veel aan.
‘Gebruik je pillen tegen zo’n psychose?’ vroeg hij mismoedig, in een foute houding, ongeïnteresseerd hangend op de bank, tegenover haar.
‘Ja, ik heb er net een genomen.’
‘Waarom?’
‘Om een psychose te vermijden.’
Het woord neerslachtig werd letterlijke realiteit toen Wilfried nog vijftien graden dieper in een scheve hoek zakte. De heerlijke dromen losten voor zijn ogen op, terwijl hij de lieflijke gestalte tegenover hem aanschouwde. Een psychose. Dat is weinig poentie.
‘Alle gedachten zijn voor mij bijna-realiteit,’ verklaarde de mooie Heleen, ‘ik moet er echt voor zorgen dat sommige niet te dichtbij komen.’
‘Gedachten? Wat voor gedachten?’
‘Dit gesprek, bijvoorbeeld. Het kan van alles oproepen.’
‘Wat dan?’
‘Gevoelens.’
‘Gevoelens?’ De slappe passer werd aangedraaid tot een zuivere hoek van 45 graden. ‘Wat voor gevoelens?’
‘Nare gevoelens.’
‘Náre gevoelens?’ En hij zakte meteen weer in tot nul. ‘Maar ... jij bent toch de succesvolle vrouw op de rode loper?’
‘Ja,een deel van mij. Gelukkig wel.’
‘Maar kun je die vreemde gedachten niet een rotschop geven, van: sodemieter op, dit is niet wáár.’
Hij zou wel willen. Helaas werkt het zó niet.
En dat haar vader zelfmoord had gepleegd … nu ja, niet bulibuli voor Wilfried. Zo zie je dat een vrede vermoedende voornaam nog niet alles zegt over zijn drager, een man die – zelfs als hij zeven jaar ouder is dan de vrouw die hij op visite nodigt – te jong is voor een volwassen gesprek, en misschien een lor in zijn voorvaderen heeft.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Kijk, dit vind ik nu een verhaal met poentie! (schreef de vrouw wier achternaam 'zoon van Henk, Heyle' betekent.)
BeantwoordenVerwijderenHahaha, dag Mary, 'zoon' van ...
BeantwoordenVerwijderenMijn achternaam betekent 'doel' in het Nederlands; ik moet dan wel iets doelgerichts in mijn voorvaderen hebben ... waar dat gebleven is ...
Trouwens, nu je me aan het denken zet, betekent 'Diana' ook niet iets als jageres?
Hm. Nog eens over nadenken.